De geschiedenis van Banierhuis

Tijdlijn Banierhuis

Cornelis den HertogCornelis den Hertog sr. was zijn tijd ver vooruit. Als één van de eersten kreeg hij in de smiezen dat de fiets het straatbeeld zou gaan bepalen. Prompt sloeg de Utrechtse klompenmaker een andere weg in en opende hij in 1932 aan de Mr. Sickeszlaan een rijwielfabriek met werkplaats en maakte hij fietsen onder de naam ‘de Banier’.

De eerste fietsen

Hij koppelde zijn zakelijke intuïtie aan spitsvondigheid en smeedde ambachtelijkheid aan een innovatie die voor de jaren dertig bijna futuristisch aandeed. In alle plafonds timmerde hij luiken. Als die open gingen kon de ‘verticale lopende band’ in werking worden gesteld. De frames werden van beneden naar boven getakeld aan een kabel. Op elke verdieping zat een medewerker. De één bevestigde de kettingkast, de ander een zadel.

Zodra het ‘verbouwde’ frame terugkeerde op de begane grond was er weer een Banier-fiets klaar. Bewerkt met onder meer roestvrije lak, extra nikkel en verzwaarde spaken. Of een Vendel want ook dat merk werd vervaardigd in ‘de Banier’, inmiddels fabriek annex groothandel.

Geschiedenis BanierhuisOmdat Cornelis met zijn groothandel direct aan de verbruiker verkocht, dook hij met de uitstekende kwaliteit fietsen 30 tot 40 procent onder de normale verkoopprijs. ‘Beter kan niet – duurder hoeft niet’, luidde zijn slogan. Drie jaar garantie tegen frame- en voorvorkbreuk kreeg de nieuwe eigenaar op de koop toe.

De service ging verder dan de deur. Utrechters die een kijkje wilde komen nemen, maar geen vervoer hadden, werden desgevraagd met de auto opgehaald en naar Tuindorp gereden. En Cornelis gaf zelf fietsles. Hij bleef net zo lang naast de fiets rennen tot de trotse bezitter zijn evenwicht op twee wielen kon bewaren. Dankzij de kwaliteit en de service doorstond ‘de Banier’ de crisisjaren.

De eerste winkel(s)

Toen Cornelis in 1938 een winkel aan de Lange Elizabethstraat opende, veranderde hij de bedrijfsnaam in Banierhuis.


Na de oorlog werd de zaak uitgebreid met een filiaal aan de Amsterdamsestraatweg dat nog steeds onderdeel uitmaakt van Banierhuis. Die periode herinnert schoondochter Nel den Hertog- van de Bovenkamp zich nog als de dag van gisteren: ‘Ik was 19, had nog nooit een fiets gehad en kreeg er één tegen inkoopprijs.’ Nel trouwde met Gerard den Hertog die na het overlijden van Cornelis (1955) met twee broers de winkels in Utrecht voorzette.

Er kwamen filialen bij in de buitenwijken. De fietsenwinkels in de binnenstad werden vanwege de vergrijzing daar afgestoten. De tweede winkel in de Lange Elizabethstraat werd omgeturnd tot lederwarenzaak, waar Nel de touwtjes in handen had.

Gerard bezat in de jaren tachtig drie filialen: één aan de Amsterdamsestraatweg, één aan het Smaragdplein en één op het Makadocenter in Nieuwegein. Het witgoed had toen allang zijn intrede gedaan in Banierhuis dat, voor de oorlog, zijn eigen stofzuiger (twee jaar garantie, acht dagen op proef) en strijkijzer fabriceerde.

De jaren zeventig

In de jaren zeventig kwam Gerards zoon Kees den Hertog, de huidige directeur, in de zaak.

‘Onze filosofie? Grote voorraden en dag en nacht bezig zijn. Overdag in de winkel, ’s avonds machines bezorgen en aansluitingen maken. Veel mensen hadden die in die tijd nog niet. Vaak moest de slang nog op de kraan van de gootsteen worden aangesloten. Hadden ze gewassen, dan moest de slang er weer af. Mijn moeder, Nel, had één van de eerste wasmachines en gaf ’s avonds demonstraties met de zogenaamde langzaamwassers.’ Nel: ‘En dan maar hopen dat je er één verkocht.’

In die tijd was het – voor de omzet in de winter – gewoon dat fietsenmakers er witgoed en elektra bij namen. De concurrentie was moordend.Toen de recreatieve fiets in de jaren tachtig aan populariteit won gaf Kees de fiets meer winkelvloeroppervlakte ten koste van de huishoudelijke apparaten. Midden jaren tachtig werd Gerard ziek en hij overleed in 1987. Kees, die de zaak voortzette met behulp van zijn broer Berry, besloot in 1991 een punt te zetten achter het witgoed en zich te concentreren op de fietsen.

Banierhuis ‘verhuisde’ in de loop der jaren met de klanten mee, behield twee Utrechtse winkels en het Nieuwegeinse filiaal en vestigde zich in de jaren ‘90 ook in winkelcentrum Overvecht, het oude Dorp in Houten, winkelcentrum Kerkebosch in Zeist, 5 jaar geleden op het winkelcentrum Vleuterweide in Vleuten en sinds kort ook in het nieuwe winkelcentrum Terwijde in Utrecht.

Goodwill

Grote en gevarieerde voorraden zijn belangrijk gebleven in de formule van Banierhuis. ‘Ons sterke punt is dat we massa inkopen’, verklaart Kees. ‘Als een ander niet kan leveren kunnen wij dat wel. Van mijn vader heb ik geleerd om altijd meteen te betalen, binnen acht dagen. Daar kweek je bij de fabrikanten goodwill mee. Grote partijen zijn inkooptechnisch gunstiger en daardoor kunnen wij de klanten leuke inruilacties aanbieden.